De regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten doet België herademen

25 jan 2017

a7b709ce-f619-4620-8577-65d2063f34ba

Koolstofdioxide of CO2 vormt momenteel 76% van de broeikasgassen. Veroorzaakt door menselijke activiteiten en waarbij de stijging ervan één van de voornaamste gevolgen is van de klimaatopwarming.

De regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten die door de Europese Unie ingevoerd werd (of ETS, Emissions Trading System) is het instrument bij uitstek om de klimaatopwarming tegen te gaan. Het voorziet de vastlegging van een maximum plafond CO2 emissierechten voor de 28 lidstaten en voor IJsland, Liechtenstein en Noorwegen om hun aandeel in de broeikasgassen te verminderen.

In België krijgen of kopen de energie-intensieve bedrijven emissierechten, die vervolgens onderling uitgewisseld kunnen worden in functie van de activiteitenschommelingen tussen die bedrijven.

Jaarlijks moeten de bedrijven op straffe van hoge boetes, op het einde van het jaar een aantal rechten terugbetalen die overeenkomen met hun uitstoot. Het plafond dat de Europese Unie vastgelegd heeft is evolutief met de bedoeling om zo de broeikasgassen te verminderen. Het vermindert geleidelijk aan opdat de landen andere productiemiddelen zouden kunnen aanwenden. De vooropgestelde doelstelling van 2030 is een vermindering met 43% van de uitstoot in vergelijking met 2005.

Maar we moeten ook rekening houden met een subtiliteit, namelijk de koolstoflekkage. Om de kosten verbonden aan het ETS beleid te drukken, hebben sommige bedrijven ervoor gekozen om hun productie te verhuizen naar landen die niet onderworpen zijn aan die normen.

Er werden maatregelen genomen om te voorkomen dat deze mogelijkheid zich voordoet, en die een concurrentieverlies van de Belgische industrie teweeg zou brengen. Tot in 2020 krijgen de sectoren waarvan beschouwd wordt dat ze een groter risico lopen op koolstoflekkage meer emissierechten dan andere industrieën.

Quid met de non-ETS sectoren ?

De inspanningen voor het klimaat blijven nochtans niet beperkt tot de meest energie-intensieve sectoren.
De non-ETS sectoren bestaande uit transport, gebouwen, landbouw en afval zijn ook betrokken. Maar die zijn niet onderworpen aan dezelfde regeling voor handel in emissierechten, die geregeld worden bij Europese doelstellingen waarbij het eigen marktbeheer overgelaten wordt aan elke lidstaat. België moet zich dus conformeren aan een vermindering met -15% CO2 tegen 2020 in vergelijking met 2005 voor de non-ETS sector. Om hiertoe te komen krijgt het land een degressief jaarlijks krediet dat niet overschreden mag worden (AAE).

Terwijl ons land het de laatste jaren voorbeeldig gedaan heeft om de CO2 emissierechten te verminderen, blijven andere landen stijgen. Om hun impact te verminderen lanceert de Minister van Energie en Leefmilieu, Marie Christine Marghem, op 25 januari een nationaal debat in nauwe samenwerking met de gewesten over de invoering van een koolstofwaarde, een systeem dat goed werkt bij onze Franse buren, maar onder andere ook in Ierland en Zweden.