Herstelbaarheid om de strijd tegen geplande veroudering aan te gaan

29 mei 2017

Op 9 mei werd er een Belgische studie rond maatregelen voor consumentenbescherming tegen geplande veroudering gepubliceerd. Of het nu gaat om wasmachines of printers, geplande veroudering is een handelspraktijk waarbij de levensduur van een product reeds van bij de vervaardiging beperkt wordt met als einddoel om het makkelijker vervangbaar te maken. Het is moeilijk meetbaar, maar de federale regering kan hier iets tegen doen door herstelbaarheidscriteria voor materialen voorop te stellen. 

 

Geplande veroudering wordt vaak opzettelijk ingemeten door de producenten, maar de consumenten nemen ook deel aan de verspreiding ervan, bijvoorbeeld door trendy producten te kopen. Dit wordt dus ‘georganiseerde’ veroudering genoemd, want het spoort de consument aan tot regelmatiger kopen.

We gebruiken soms zelfs die makkelijk vervangbare producten goed wetende dat ze slechts een aantal jaren of zelfs slechts een aantal dagen meegaan. Dit is bijvoorbeeld het geval met nylon kousen of oude lampen, waarvan iedereen weet dat ze niet lang meegaan.

We veronderstellen dat de portemonee van de consument de eerste gevolgen ondervindt, maar de werkelijkheid ligt heel anders. Een (over)consumptie van goederen heeft onoverkomelijk een impact op het milieu, of die goederen nu recyclaarbaar zijn of niet.

 

Spijtig genoeg ging er tot op heden weinig aandacht uit naar geplande veroudering en naar de afvalberg die ze teweeg brengt en de energie die ze opwekt. Het is inderdaad moeilijk om hier wetenschappelijk de impact van te bepalen. De fabrikanten kunnen dergelijke praktijken onder andere rechtvaardigen als “risicovermeidend”, als zodanig een geloofwaardige reden.

Onze federale regering wil dus een stabiel wetgevend kader opstellen. De erkenning van de geplande veroudering is inderdaad een belangrijk feit voor de ontwikkeling van ons toekomstig economisch beleid. De studie wil het probleem bij de wortel aanpakken en wil vaststellen in welke mate de fabrikanten de veroudering van hun electronische apparaten programmeren om vervolgens concrete maatregelen te definiëren en hun uitvoerbaarheid te analyseren.

Één van die  preventieve maatregelen is de herstelbaarheid. Met die methode wordt een product ontwikkeld om het makkelijker te herstellen eerder dan het in zijn geheel te vervangen.

Onze federale regering neemt momenteel maatregelen om dit aan te brengen bij de fabrikant; door herstelbaarheidscriteria te definiëren ontwikkelen we de toekomstige productnormen tegen geplande veroudering.

 

Na de verwezenlijking van die werkzaamheden kan de burger de beschikbare producten op de markt vergelijken, aan de hand van dit nieuwe duurzaamheidscriterium. Beter informeren over de verschillende herrstelbaarheidsmogelijkheden, over de elementen die maken dat een product beter herstelbaar is dan een ander, is inderdaad broodnodig voor deze consumptiemaatschappij.

 

Als federaal minister van Leefmilieu gaat mijn bijzondere aandacht naar de werkzaamheden rond het wettelijk kader om zo Europa aan te sporen ons te volgen als pionier tegen geplande veroudering.